Klinkt
behoorlijk absurd, niet?
Hoewel ze als gelovigen in de meerderheid
zijn, mogen vrouwen het woord van God niet verkondigen.
In 1994 werden vrouwen met de pauselijke brief ‘Ordinatio
sacerdotalis’ voor eens en altijd uitgesloten
van het priesterambt. Interesse is er echter genoeg:
driekwart van de parochieassistenten zijn vrouwen.
Wat vind jij daarvan? Geef ons jouw toekomstvisie en
vul de tijdslijn in.
Debat vrouwen en mannen: Wat vind jij dat er nog moet
gebeuren?
door de Vlaamse minister van Gelijke
Kansen
Feest
Tijden veranderen vrouwen. Vrouwen veranderen tijden.
2005 is een feestjaar voor de vrouwenbeweging. De Vrouwenraad
mag dit jaar flink ademhalen, want ze moet honderd kaarsjes
uitblazen. In 2005 vieren ook Amazone en het gelijke
kansenbeleid in Vlaanderen hun tiende verjaardag. De
vrouwenbeweging heeft in die tijd een indrukwekkend
palmares verzameld. De rechtspositie van de vrouw vandaag,
is in de verste verte niet meer te vergelijken met die
van haar seksegenoten in pakweg 1920, 1950 of 1980.
Een aantal van de juridische verschillen die door de
vouwenbeweging werd rechtgezet, lijkt nu ronduit absurd.
Het is alsof ze deel uitmaken van een heel andere beschaving
in een heel ander tijdperk.
Het huis staat er dan misschien wel, toch zijn er ook
nu nog heel wat deuren die voor vrouwen geheel of gedeeltelijk
gesloten blijven. Andere deuren blijven dan weer dicht
voor mannen. Met deze campagne wil ik die deuren wat
meer open krijgen. Met de sleutel als het kan, door
ze in te stampen als het moet. De campagne is opgebouwd
rond een aantal uitspraken die de meesten onder ons
wellicht controversieel, absurd of zelfs bijna beledigend
vinden. Maar heel wat van die absurditeiten zijn lang
niet zo ver van ons af als we zouden willen denken.
Je hoeft helemaal geen wetenschapper, rechtsgeleerde
of minister van Gelijke Kansen te zijn om dat te beseffen.
Het volstaat om als vrouw gewoon even in je eigen leefwereld
rond te kijken.
Absurditeiten
“Hebben vrouwen recht op een
eigen bankrekening?”
In 1976 was mijn eigen moeder een jonge actieve vrouw
met drie kinderen en een job in het onderwijs. Je kan
je nu toch nauwelijks voorstellen dat zij op dat moment
niet eens een eigen bankrekening mocht hebben.
“Ban vrouwen uit de universiteit”
Het is nu een dikke vijftien jaar geleden dat ik zelf
aan mijn universitaire opleiding begon. Vier jaar en
ontelbare cursussen later heb ik geen enkele keer een
vrouwelijke professor gehad. Ondanks het feit dat meer
dan de helft van de studenten vrouwen zijn, kan je ook
vandaag de dag bezwaarlijk beweren dat de universiteiten
hun inhaalbeweging hebben voltooid. 83 procent van de
huidige universiteitsprofessoren is nog steeds een man.
“Vrouwen die geld verdienen
zijn gevaarlijk”
Tot 1900 mochten gehuwde vrouwen geen loon ontvangen.
Het lijkt bijna middeleeuws. Toch merk ik dat er in
mijn eigen kennissenkring nog steeds mannen zijn die
het er erg moeilijk mee hebben dat hun vrouw meer verdient
dan zij. Ze voelen dat nog steeds aan als een bedreiging.
“Vrouwen in de politiek, is
dat verantwoord?”
In de Vlaamse regering zijn we met drie vrouwen. Op
een geheel van tien ministers is dat nog altijd een
onvoldoende, maar we zijn daar in elk geval op de goede
weg. Lokaal is dat nog niet altijd het geval. In één
op vier schepencolleges zit nog altijd geen enkele vrouw.
Slechts in 7 procent van de gemeenten is de burgemeester
ook een burgermoeder. Daarom ben ik blij dat we in de
Vlaamse Regering een akkoord hebben bereikt over de
lijstvorming voor de volgende gemeenteraadsverkiezingen.
Die moeten voortaan voor de helft uit vrouwen bestaan.
Minstens één van de drie bovenste plaatsen
op de lijst moet ook door een vrouw worden ingevuld.
Het is jammer dat het met quota moet gebeuren, maar
op dit moment zijn ze gewoon nog nodig. Quota zijn een
middel, ze zijn geen doel op zich.
“Dat mannen meer verdienen
is logisch, ze werken harder”
De wet gelijk loon voor gelijk werk dateert pas uit
1978. Sindsdien hebben hardwerkende vrouwen recht op
evenveel loon als hun mannelijke collega’s. Een
vriendin van mij werkt in een telematicabedrijf. Zij
deelt daar een bureau met een mannelijke collega. Ze
doen exact hetzelfde werk, ze doen dezelfde uren en
hebben allebei dezelfde baas. Toch staat er op zijn
naambordje management-assistant, terwijl op het dat
van haar secretaresse staat.
Veel vrouwen krijgen, ondanks de wetgeving, op de werkvloer
nog steeds niet dezelfde waardering als mannen. Ook
financieel niet. Op dit moment verdient de vrouw gemiddeld
nog steeds 20 procent minder dan de man gemiddeld. Allochtone
vrouwen verdienen gemiddeld nog eens 10 procent minder
dan autochtone vrouwen. Ze hebben dus te kampen met
een dubbele loonkloof.
“Vrouwen mogen niet werken,
zo is er meer werk voor mannen”
In 1934 ontstond een regelgeving waardoor vrouwen geen
ambtenaar mochten worden. Argument voor deze absurde
situatie was dat er te weinig werk was. Als ik naar
mijn eigen administratie kijk, merk ik gelukkig dat
heel wat vrouwen daar nu sleutelposities bekleden. Vrouwen
én mannen combineren nu arbeid en gezin. Al is
het jammer genoeg nog al te vaak zo dat mannen tijd
moeten maken voor hun gezin, terwijl vrouwen eerder
tijd moeten maken voor hun werk.
Enkele maanden geleden vroeg mijn adjunct-kabinetschef
mij om tijdelijk een stapje achteruit te mogen zetten
ten bate van zijn gezinsleven. Daarop kreeg hij tal
van steunbetuigingen en vragen naar de echte reden van
zijn beslissing. Blijkbaar worden mannen nog altijd
niet geacht hun gezin te laten voorgaan, maar horen
ze volop te opteren voor de carrière.
Het nemen van een adempauze op de loopbaanladder wordt
sowieso nogal sceptisch onthaald. Wanneer men, en dat
geldt voor zowel mannen als vrouwen, een rustpauze wil
inlassen, dan interpreteert men dat nog steeds als een
soort capitulatie. Terwijl je op een fiets toch ook
een tandwiel lichter gaat trappen als het even bergop
gaat; om vervolgens in de afdaling terug snelheid te
winnen door over te schakelen op een zwaardere versnelling?
“Vrouwen kunnen geen kinderen
opvoeden”
In 1974 werd de vaderlijke macht veranderd in de ouderlijke
macht. Pas sinds dan werd erkend dat ook vrouwen in
staat waren om gezag uit te oefenen over hun kinderen.
Nu is zoiets ondenkbaar. De slinger lijkt nu zelfs eerder
naar de andere kant te zijn overgeslagen. Nu lijkt het
wel alsof mannen niet langer bekwaam zijn om kinderen
op te voeden.
Ik heb stilaan een leeftijd bereikt, waarop heel wat
bevriende koppels uit elkaar gaan. Ik merk dat heel
wat mannen daarbij, ten onrechte, van in het begin vertrekken
met een certificaat van onbekwaamheid ten aanzien van
hun kinderen. Sommige rechters lijken uit te gaan van
de stelling: “mannen kunnen geen kinderen opvoeden”.
Campagne
Ondanks alle stappen voorwaarts op het vlak van vrouwenrechten,
zijn gelijke kansen voor mannen en vrouwen nog steeds
geen feit. Integendeel. Heel wat verworvenheden uit
het verleden komen door bepaalde maatschappelijke stromingen
sterk onder druk te staan. Dat geldt zeker voor groepen
die op het vlak van gelijke kansen sowieso al kwetsbaar
zijn. Ik denk daarbij aan de strijd voor aanvaarding
die lesbische vrouwen, alleenstaanden, allochtone vrouwen
en slachtoffers van partnergeweld nog dagelijks moeten
leveren. Het ijveren voor gelijke kansen mag ook niet
stoppen aan onze landsgrenzen. Vrouwenstrijd moet wereldwijd
worden geleverd. Ook vrouwen in Koeweit, Saudi-Arabië,
Guinea, Niger en Somalië verdienen onze aandacht.
Er staat de vrouwenbeweging dus ook de volgende honderd
jaar een pittige strijd te wachten. Al zal dat misschien
eerder een guerilla-strijd zijn dan een open oorlog.
Want de te bekampen ongelijkheden zullen veel subtieler
zijn dan die van de vorige eeuw. Ik hoop dat de volgende
honderd jaar niet meer gaan over meer rechten voor vrouwen
of meer rechten voor mannen, maar over een meer rechtvaardige
samenleving voor de mannen en vrouwen die daarin leven.
Daarom roep ik alle vrouwen en mannen op om mee te
bouwen aan de tijdslijn voor de volgende honderd jaar.
Iedereen kan de tijdslijn aanvullen op www.100jaarvrouwenstrijd.be.
De resultaten van de bevraging zal ik op het einde van
het jaar bekendmaken. Die nieuwe tijdslijn zal meteen
ook een richtlijn zijn van waar het gelijke kansenbeleid
de volgende decennia nog heen moet. Die lijn moet het
einde betekenen van de overgebleven gender-absurditeiten.
Ik zal er zelf, als minister van Gelijke Kansen, alvast
alles aan doen om de volgende vijf jaar een aantal van
die discriminaties voor goed uit de weg te ruimen.
|